Doing the 116

Doing the 116

 

 

Een bedevaart langs 116 grounds in Engeland

Site Navigation    


 Home

 Premier League

 The Championship

 League One

 League Two

 The Conference

 Lower League

 SPL

 Scotland

 Eire & Cymru

 Special Matches

 Other Grounds

 Groundlist

 Links

 
 
 

Albion Rovers

Het verslag


    


Football in a Dump

 

"There is no worse place out of hell than that neighbourhood. At night the groups of blast furnaces on all sides might be imagined to be blazing volcanoes at most of which smelting is continued on Sundays and weekdays, day and night - without intermission'"

Deze zin, opgetekend door een ooggetuige rond 1880, gaat niet over het Essen, Luik of een andere bekende industriestad.
Deze beschrijving gaat namelijk over Coatbridge, een plaatsje zo’n vijftien kilometer ten oosten van Glasgow. Tegenwoordig een wat grauw plaatsje, maar tussen 1830 en 1950 een belangrijke plaats waar de industrie bloeide. Coatbridge had namelijk twee dingen die het ideaal maakte voor industrie; er lagen ijzerertsmijnen vlakbij de stad en Glasgow (destijds hét wereldcentrum voor de scheepsbouw met gigantische rederijen) was op een steenworp afstand. Waar Coatbridge voor 1830 een klein dorpje was wat werd omschreven als een “immense garden” veranderde dat na de eerste vondst van ijzererts in een volgebouwde stad waar je amper kon ademen door de gigantische hoeveelheden fijnstof die de fabriekspijpen uitbrulden.

Werk trekt mensen, dat is altijd zo geweest en was in Coatbridge niet anders. Vanuit de Highlands en Ierland kwamen veel mensen op de vele beschikbare arbeidsplaatsen in Coatbridge af. Het leverde de stad de bijnaam “Little Ireland” op, een naam die het tot de dag van vandaag nog steeds heeft. Coatbridge is ook een van de steden in Schotland die meer katholieken dan protestanten heeft. Dit is vooral terug te zien in de vele katholieke scholen, katholieke kerken en seizoenskaarthouders van Celtic. Ook wordt St. Patrick’s Day erg groot gevierd tot op de dag van vandaag en kun je de volgende ochtend daarvan de stille getuigen op de grond vieren. Het grote aantal Ierse immigranten heeft in de jaren-70 en -80 ook een grote keerzijde gehad, door diverse gevallen van sektarisch geweld.

Coatbridge kreeg, net zoals heel Schotland, grote klappen te verwerken met het ineenstorten van de scheepvaartindustrie. Er was geen vraag meer naar de ijzererts en de stad belandde in een diepe depressie. Werkloosheid, emigratie, huiselijk geweld, drankmisbruik, zelfmoord, op al deze statistieken scoorde Coatbridge erg hoog na de jaren-50. De stad degenereerde compleet en was een onaangename plek om te verblijven. Veel mensen vertrokken dan ook naar Engeland, de VS en Australië. Vandaag de dag is er amper 1/3 van de bevolking over, in vergelijking met de cijfers van rond 1900. Mede dankzij subsidies van de EU is de stad sinds de Millenniumwisseling wat aan het opkrabbelen en staat Coatbridge bekend om zijn uitgaansleven, zijn goede scholen en Albion Rovers, de lokale voetbalclub.

Albion Rovers, zomaar een club uit Schotland. Een club die weinig verheffende dingen heeft gepresteerd en vooral sinds het einde van WO II zijn tijd doorbrengt in de marge van het Schotse betaalde voetbal. Albion Rovers is wel een van de oudere mannen in Schotland, want al sinds 1882 wordt er onder deze naam gevoetbald. Toen besloten namelijk Albion en Rovers, beide uit Coatbridge, te fuseren en logischerwijze kwamen ze uit op de naam Albion Rovers. In 1903, waar blijft de tijd, werd de club uitgekozen om in de League te gaan spelen en dat doen ze nu 105 jaar later nog steeds. Het meest bizarre is dat ze in die 105 jaar amper iets gepresteerd hebben. Slechts twee titels werden er gewonnen in al die jaren.

Nadat Albion Rovers werd gekozen in de League mochten ze starten in Division Two, destijds het laagste niveau. Daar werden amper potten gebroken en het rechterrijtje werd de vaste verblijfplaats van de rovers. Ironisch genoeg was het eerste succesje iets waar Albion Rovers zelf niets mee te maken had. De SFA besloot om de competitie uit te breiden na WO I en zodoende kwam Albion Rovers, als nummer negen van Division Two (veertien clubs speelden destijds daarin), in het Walhalla van het Schotse voetbal; de First Division. Daar wisten ze niet wat hen overkwam. Zulke slechte voetballer waren ze zelden tegengekomen en door de carnavalsuitrusting (Albion Rovers speelt in geel-rood) werden ze al helemaal niet serieus genomen. De Wee Rovers, zoals de bijnaam luidt, werden dan ook 22e en laatste in de First Division. Gelukkig hoefde de club niet te degraderen, maar leuk was het niet. Dit moest beter in de toekomst, want in Coatbridge waren ze niet van plan om het lachertje van de competitie te blijven.

 

Buiten de malaise in de competitie ging het in de beker geweldig. De eerste ronde leek Albion Rovers al zijn Waterloo gevonden te hebben tegen het piepkleine clubje Dykehead. Pas na een replay mocht Albion Rovers door na de volgende ronde. Daarin lootte het thuis tegen Huntingtower, die zo bang waren dat ze niet kwamen opdagen. Bij de laatste 16 hadden de Wee Rovers opnieuw de mazzel tegen een club uit te mogen komen die twee divisies lager speelde. Ditmaal waren de amateurs van St. Bernard’s uit Edinburgh de tegenstander. Opnieuw lukte het de geel-roden pas om de tegenstander na een replay uit te schakelen. In de kwartfinale werd er knap afgerekend in eigen huis met Aberdeen. Aberdeen was dat jaar ook geen topper, maar een verrassing was het wel. Zo ver was Albion Rovers nog nooit gekomen en er was in Coatbridge volop verwachting over de loting voor de halve finale.

 

De halve finale leek daarna het eindstation te zijn, want de Rangers (die de ronde ervoor aartsrivaal Celtic hadden uitgeschakeld) waren daarin de tegenstander. Een volgepakt Celtic Park was het decor voor deze halve finale. Veel Bhoys kwamen kijken om Albion Rovers te steunen tegen de gehate rivaal. Tot ieders verbazing slaagde Albion Rovers erin om er een replay uit te slepen na de 1-1 eindstand. Ook die replay eindigde gelijk en pas in de tweede replay viel er een beslissing. Albion Rovers speelde zijn meest legendarische wedstrijd in zijn geschiedenis en versloeg Rangers met 2-0. De Rangers zouden dat jaar kampioen worden, maar de nederlaag tegen de ploeg uit Coatbridge zou toch een zwarte rand om die titel trekken. De finale op Hampden Park ging tussen Kilmarnock en Albion Rovers en helaas konden de Wee Rovers niet opnieuw stunten. Killie won met 3-2, maar voor Albion Rovers zou het toch een mooie dag zijn. Nooit zouden ze meer voor zoveel mensen (95.600) spelen en die overwinning op Rangers in de halve finale blijft tot de dag van vandaag het belangrijkste wapenfeit van de club.

 

Het jaar erop werd opnieuw een goede Cuprun volbracht, maar ditmaal was de halve finale het eindstation. De Rangers lieten zich dit keer niet verrassen en wonnen met 4-1 van de Wee Rovers. In de competitie slaagden de Rovers er ook in om niet laatste te worden. Het jaar erop werd de club zelfs 11e. De hoogste positie die ze ooit zouden bereiken. Het seizoen erop degradeerde de club namelijk. Pas in 1934 kwamen ze terug op het hoogste niveau. Albion Rovers werd toen namelijk voor het eerst in zijn geschiedenis kampioen. Wel op een typische Rovers manier; ze haalden namelijk slechts 45 punten uit 34 duels, maar in die punten waren precies genoeg voor de titel. Een paar jaartjes op het hoogste niveau volgden. In die jaren werd ook het hoogste toeschouwersaantal op Cliftonhill gemeten; een wedstrijd tegen de Rangers lokte 27.381 mensen naar het stadion. Iets waar de club vandaag de dag alleen van kan dromen, want zelfs 1.000 man lijkt onmogelijk.

 

Na WO II zakte Albion Rovers de diepe vergetelheid in. Slechts in 1949 kwamen ze nog een jaartje uit op het hoogste niveau, maar daarna behoorde Albion Rovers regelmatig tot de slechtse clubs in Schotland. Enkele malen lukte het de club zelfs om allerlaatste te worden in de laagste Schotse profcompetitie. Enige opvallende wapenfeiten waren dingen die weinig met de sportieve prestaties te maken hadden. Jock Stein, een van de grootste managers ooit, speelde namelijk in het begin van zijn carrière voor de Wee Rovers. Ook waren de verdedigers van Albion Rovers in de jaren-70 vaak mikpunt van spot in de tabloids; drie van deze spelers hadden achternamen die nogal opvallend waren, namelijk Sage, Curry en Rice. De inkoppertjes waren niet van de lucht, vooral niet als er weer eens dik werd verloren.

 

Toch kwam er eind jaren-80 weer eens succes in Coatbridge. Na 55 jaar werd de club namelijk kampioen. Ditmaal van Second Division (derde niveau). Het zou de laatste titel voor Albion Rovers zijn tot de dag van vandaag. Het jaar erop volgde er weer degradatie en twee jaar later eindigde de club als allerlaatste van alle Schotse profclubs, iets wat het een jaar later herhaalde. Een jaar later werd de club weer een-na-laatste, maar dat was een positieve uitschieter, want ook in 1995 en 1996 werd de club allerlaatste. Op dat moment zat de club ook flink in de schulden en waren er plannen om Cliftonhill te verkopen en bij Airdrieonians te gaan spelen. Dat ging niet door en sindsdien is Albion Rovers een middenmotor geworden, met soms een uitschieter naar boven en soms naar onder. Het is alleen de vraag of de club nog lang op Cliftonhill blijft spelen.


Cliftonhill, waar in de rest van de wereld op kerstdag 1919 de geboorte van kindje Jezus werd herdacht waren ze in Coatbridge iets anders aan het vieren; de opening van een nieuw stadion met de naam Cliftonhill. Met dit stadion zou Albion Rovers eindelijk een fatsoenlijk onderkomen hebben en het zou de kansen vergroten. Cliftonhill was destijds een erg imposant stadion. Er konden zo rond de 25.000 mensen in en vooral de hoofdtribune was een pareltje waar veel clubs jaloers op waren. Het is dan ook erg jammer dat het de laatste jaren wat verworden is tot een veredelde vuilstortplaats. De club is dan ook al een tijdje van plan om Cliftonhill te verlaten en ergens anders (in Coatbridge of East Kilbride, het Almere van Schotland) een nieuw stadion te laten bouwen. Een van de delen van het stadion is al verkocht aan een projectontwikkelaar die, op de plek waar vroeger een terrace was, een aantal huizen gaat neerzetten. De anderhalve ton die de club daarvoor kreeg werden gretig aanvaard. Het geeft alleen wel aan dat er geen toekomst is op Cliftonhill. Erg jammer, want het stadion heeft toch wel iets. Vandaar dat ik het wel leuk vond dat ik nu de mogelijkheid had om er toch een keertje naartoe te gaan.

 

Albion Rovers v Dumbarton werd het dus. Op zich geen verkeerde wedstrijd, want Dumbarton is de enige club in de Third Division die ooit wat gepresteerd had in het verleden. In de beginjaren van het bestaan van de club (opgericht in 1872) waren ze een van de grootmachten in het Schotse voetbal. In 1881 en 1882 haalde de club de bekerfinale en in 1883 werd die zelfs gewonnen. Vier jaar later was er opnieuw een nederlaag, evenals in 1891. De nederlaag in 1891 was overigens zo verwerkt, doordat de "Sons of the Rock" in 1891 (eerst jaar van de Schotse competitie) landskampioen werden. Een jaar later werd dat kunstje herhaald. Dat zou de laatste landstitel zijn, doordat Celtic en Rangers daarna de macht overnamen. De bekerfinale werd nog eenmaal bereikt (en gewonnen) in 1897, maar daarna was het over met de successen aan de westkust in Schotland.

 

De club degradeerde zelfs uit de hoogste afdeling en zou een erkende jojo-club worden. Het laatste jaar op het hoogste niveau was in 1985. Sindsdien is het helemaal kommer en kwel. In 1988 moest de club voor het eerst uitkomen op het derde niveau en het absolute dieptepunt werd in 1997 bereikt, toen de club zelfs op het vierde en laagste niveau moest gaan spelen. In 2002 was er dan eindelijk promotie uit de kelderdivisie, maar sinds 2006 moet deze roemrijke club weer strijden op dit lage niveau. Dit jaar behoren ze echter wel tot de favorieten voor de titel en eigenlijk hoort de club ook hoger te spelen. Laat de Peterhead's van deze wereld maar in de Third Division uitkomen.

 

Voorafgaand aan deze wedstrijd stonden beide ploegen erg laag. Vooral van Dumbarton was dat niet verwacht en die gingen er dan ook vol tegenaan. Het niveau was natuurlijk wel een stukje minder dan hetgeen we hiervoor hadden gezien bij Motherwell v Celtic, maar bij Dumbarton zag je in ieder geval nog een idee erachter zitten. Het was dan ook niet vreemd dat het na achttien minuten al 0-2 stond. Dumbarton had het daarna eigenlijk af moeten maken, maar geloofde het wel. Tijd voor ons dus om een “Scots Pie” en een Irn-Bru te halen. Stuiterend van de (verboden) kleurstoffen kwamen we terug uit de dubieuze kelder waar je het eten & drinken moest halen. Het bleek nog steeds 0-2 te staan.

 

In de rust liet ik mijn metgezellen even achter om wat foto's te schieten. Ik was er natuurlijk al eerder geweest, maar ik was benieuwd of mijn nieuwe fototoestel nu betere foto's kon maken. Dat bleek niet zo te zijn achteraf, aangezien het erg waterig was. Ik kon trouwens overal rondlopen, want de stewards maakte het allemaal niets uit. Ik kwam erachter dat de terracing achter de goals gewoon helemaal verdwenen was. Er lag nu een heuvel met zand, waar gras op groeide. Toch maar eens een keer op zoek gaan naar een foto waarop de terracing wel te zien is, want momenteel kan ik alleen maar raden hoe het stadion er ooit heeft uitgezien.

 

De tweede helft gaf hetzelfde spelbeeld: Dumbarton was gewoon een stuk sterker. Uiteindelijk kwamen ze nog op 0-3 door een penalty. De scheidsrechter twijfelde echter of hij goed had gehandeld en maakte het een minuut later goed door Albion Rovers een dubieuze penalty te geven. Ook die werd gemaakt en ik had de verwachting dat de Rovers nu zouden gaan aanzetten. Dat bleek een misvatting te zijn. Ze bleven onder Dumbartoniaanse druk staan en mochten zich gelukkig prijzen dat het 1-3 bleef. Albion Rovers was een zwak team en ik was dan ook verbaasd dat ze even later een wedstrijd met 2-6 bij Elgin zouden winnen. Hoe zwak moest die ploeg dan wel niet zijn?

 

Doordat er weinig publiek op deze wedstrijd was afgekomen waren we zo weg. Ray moest namelijk naar Edinburgh toe om weer terug te vliegen naar Londen. Ik besloot mee te gaan naar het vliegveld om nog even na te borrelen over de wedstrijd. Anderhalf uur later stond ik in Glasgow. Andy zou zeker een keer langskomen in Nederland. Het was een topdag geweest, met Motherwell v Celtic als absoluut hoogtepunt. Jammer dat ik Raith Rovers v East Fife nu niet had gezien, maar daar kom ik ooit nog wel eens. Schotland was opnieuw erg goed bevallen. Heel relaxte mensen daar. Ik kijk alweer uit naar mijn volgend tripje naar Alba.



Het rapport

Het stadion

Dat is makkelijk aan te geven in een woord: dump. Cliftonhill is namelijk net een vuilnisbelt. Achter beide doelen is niets meer (vroeger heeft er terracing gestaan) en de beide tribunes die er nog wel zijn hebben ook betere tijden gekend. De tribune tegenover de Main Stand is dan ook niet meer in gebruik, waardoor er nog maar een over is. Deze was groot genoeg voor alle fans om op te staan, maar je moet er niet aan denken dat Albion Rovers een keer Celtic of Rangers gaat loten in de beker, want dan voorzie ik grote problemen.

De sfeer

Bij de doelpunten werd er gejuichd, maar dat was het dan ook wel. Er stonden ook maar drie man en een halve paardenkop, dus gezangen had ik ook niet verwacht. Zo nu en dan liet de aanhang van Dumbarton zich wel horen, maar over het algemeen overheerste het gevloek op de tribune. Typisch Schots dus.

De wedstrijd

Goed, mijn beeld was wat gekleurd doordat ik even hiervoor een geweldige wedstrijd had gezien, maar dit was toch wel een heel stuk minder. Dumbarton was zo nu en dan best in staat om goed te voetballen, maar Albion Rovers zou niet eens meekunnen in de Conference in Engeland. Veel matige voetballers zonder enige techniek. Ze werkten wel hard, maar daarmee was alles gezegd. Dumbarton leek echt van een ander niveau en verwacht ik toch minimaal de playoffs halen, terwijl Albion Rovers moet uitkijken dat ze niet laatste gaan worden.

De omgeving

Heerlijk pauper. Coatbridge staat nu al niet echt bekend als de mooiste stad in Schotland, maar het is echt dramatisch. Leegstaande huizen, een retailpark (met Lidl) en een dichtgetimmerde fabriek. Gelukkig woon ik hier niet, want je wordt er niet vrolijk van. Qua voetbalomgeving is het natuurlijk fantastisch en het stadion valt daardoor niet eens uit de toon.

Overall

Deze wedstrijd was een aardig toetje. Motherwell v Celtic was genieten en dit was leuk om erbij te doen, niets meer en niets minder. Bizar trouwens dat ik hier een wedstrijd heb gezien. Dat had ik namelijk nooit verwacht nadat ik in feburari hier was om te groundhoppen. Vinckie vertelde me na afloop dat ik nu op ieder Leagueniveau in Schotland een wedstrijd had gezien, iets dat ik zelf nog niet doorhad. Dat is een leuke bijeenkomstigheid.



De statistieken

Albion Rovers v Dumbarton 1-3 (13/09/2008)

8. Ross Clark 0-1

18. Ben Gordon 0-2

60. Paul McLeod (pen.) 0-3

61. Patrick Walker (pen.) 1-3

Ground: Cliftonhill, Coatbridge

Visits: 1

Season: 2008-2009

Competition: Scottish Third Division

Position Albion Rovers: 6

Position Dumbarton: 7

Gate: 327

Match Number in Scotland: 10

Goals: 34

Line up Albion Rovers:

Scott, Reid, McGowan, McGoldrick, Lumsden, Donnelly, Barr, Harris, Coyne (46. Pollock), Walker (79. Watt), Adam 

Line up Dumbarton:

McEwan, Lennon, Wilson, O'Byrne, Gordon, Clark (63. Tiernan), Carcary (89. Cusack), Geggan, McLeod, Keegan (84. McNiff), Murray

Yellow Cards:

Adam, McGowan (Albion Rovers), O'Byrne (Dumbarton)



De foto's

De onderstaande foto's zijn van zowel afgelopen wedstrijdbezoek als een eerder bezoek in februari

Cliftonhill vanaf het parkeerterrein bij de Lidl gezien

De façade van de Main Stand is volgegooid met reclame

Het logo van de "Wee Rovers"

Turnstiles die in ongebruik zijn geraakt

Vanaf de zijkanten ziet het er erg pauperig uit

Deze turnstiles zijn nog wel in gebruik

Er worden weer eitjes onder de bobo's gelegd

Uitzichtje vanaf de Main Stand, die een stuk hoger ligt dan de rest van de omgeving

Overgrown terracing achter de goals

De Main Stand de afschuwelijke roofextension

Ook aan de overkant overgrown terracing

Opposite Main Stand, tegenwoordig niet meer toegankelijk voor het publiek

Ook dit scorebord is niet meer in gebruik

Op de wedstrijddag bleek dat de opposite Main Stand nog steeds niet betreden mocht worden

De Main Stand is packed to the rafters

Zelfs de meest luxe stoeltjes op Cliftonhill zien er niet echt conformtabel uit

Albion Rovers test de keeper van Dumbarton...

... wat voor veel consternatie op de tribune zorgt

De floodlights op Cliftonhill zijn afkomstig van het oude Arms Park in Cardiff

Veel entertainment in de rust

Penalty nummer een...

... gescoord door Dumbarton

Penalty nummer twee...

... gescoord door Albion Rovers

De mannen zoeken de kleedkamer op na een wedstrijd die van een bedenkelijk niveau was


 

 

© 2005 All Rights Reserved.