|

Bromley v Bath City: een lekker middag non-league football in een Londense middenstandswijk
Eindelijk was het dan zover, na een aantal maanden droog te hebben gestaan kon eindelijk weer de overstap naar Engeland worden gemaakt. Dit keer niet voor een dagje of voor een weekend, maar voor een hele week. Ik was erg benieuwd hoe dat zou bevallen, zo’n 5 wedstrijden in een week. De kraker op papier was Rotherham United v Sheffield Wednesday, een echte streekderby tussen twee staalsteden. Die was echter pas op donderdag. Op zondag stond er een bezoekje aan Seamer Road, het stadion van wijlen Scarborough FC, het Scarborough Castle en het stadje Scarborough op het programma. Maandag zou er een kijkje worden genomen bij Hyde United v Vauxhall Motors (Conference North), dinsdag stond Swindon Town v Charlton Athletic op de rol, woensdag Crewe Alexandra v Hull City, donderdag dan de kraker, vrijdag een rugbywedstrijd en op zaterdag was Gillingham Town v Tranmere Rovers de afsluiter. Alleen op deze eerste zaterdag stond er verschillende wedstrijden op het programma. Vonckie en Choco gingen naar West Ham v Man City, SJ zou naar Charlton v Scunthorpe gaan (altijd leuk, die Championship) en ik koos voor Bromley v Bath City in de Conference South.
Al vroeg werd er vanuit Tilburg koers gezet richting Dunkerque, waar we voor de verandering de boot eens pakten. Dunkerque doet me altijd denken aan piraten, dus ik hoopte dat we op een piratenschip, inclusief piraat met een houten been, ijzeren haak en een lapje voor zijn oog, naar de overkant zouden worden gevaren. Helaas was dit niet het geval, buiten het gelal over bottles of rum was er weinig piraterigs aan de drijvende flat waar we opzaten. Gelukkig zorgde SJ ervoor dat mijn humeur weer wat beter werd door een broodje en een flesje drinken te kopen voor 9 euro (winkelwaarde 1,04 euro). Vonckie ging ondertussen weer op zoek naar pornoboekjes op de boot, maar vond die tot zijn spijt niet. Ondertussen kwamen we dobberend aan in Dover. De nazistische douane zorgde ervoor dat er flinke opstoppingen waren, maar het lukte ons gelukkig wel om onze lading illegale Chinezen Engeland in te smokkelen. Een aantal kilo Chinees minder en enkele ponden rijker reden we door naar Bromley, onze eerste (en voor mij laatste) stopplaats. Daar was al een auto met oude bekenden gearriveerd. Ad-Café was de boel al weer flink op stelten aan het zetten en SJ nam hem voor de veiligheid maar mee naar Charlton, samen met de maat van Ad-Café. De derde passagier van de Ad-Café mobiel, Poldie, bleef wel bij Bromley om de wedstrijd te zien. Ik stond dus niet alleen kerstfeest te vieren.
Na enkele pre-match pints in de pub gingen we richting het stadion. Volgens Ad-Café kon je daar goed eten, voor Poldie dé reden om niet in de pub te gaan eten. Bij Bromley bleek echter dat Ad-Café ons een loer had gedraaid, want de steward keek erg glazig toen Poldie naar binnen stapte. Buiten programmaboekjes was er weinig te eten, hoewel die ook best goed kunnen smaken als je ze goed kruidt. Er zat niets anders op dan naar binnen te gaan, waar ik werd teleurgesteld door het kaartje. Dat was namelijk niet meer dan een papiertje met admission erop. Mijn humeur vrolijkte wat op toen de twee vrouwen van de turnstiles gewillig op de foto gingen. Als een ware Japanner schoot ik mijn rolletje vol, terwijl Poldie de hamburgerkraam leeg kocht. Daarna was het genieten van Hayes Lane, al sinds 1938 de thuishaven van Bromley. Hayes Lane is een stadion wat veel nostalgie uitademt, op de lelijke hoofdtribune na. Waar ik eerst dacht dat die er was neergezet uit commerciële overwegingen, bleek het een treurig verhaal te zijn. In 1992 was de prachtige, oude hoofdtribune namelijk afgebrand. Vandaar dat de club er een nieuw ding had neergezet. Niet mooi, maar wel efficiënt voor de club. De rest van de ground was wel geweldig met heel aparte crush barriers en pilaren. Voor de grondfetisjist is dit er dan ook eentje die je zeker bezocht moet hebben. Iets was ongeveer duizend mensen deze dag ook deden. Dat was een stuk minder dan in 1949, toen Bromley een oefenwedstrijd tegen het nationale team uit Nigeria speelde. Het stadionnetje barstte toen bijna uit zijn voegen met 10.789 mensen, die zagen hoe Nigeria op blote voeten hun helden van de mat speelden.
Maar weer even terug naar het heden, waar we na even een rondje door het stadion te hebben gewandeld we op een crush barrier genieten hangen en genieten van de wedstrijd met twee teams die wel met voetbalschoenen aan speelden. Beide clubs waren afgelopen jaar gepromoveerd naar de Conference South en hoopte dit jaar het volgende stapje te zetten. Beide clubs hebben de potentie ook wel om dat stapje te doen. Bath City is ook een redelijk bekende naam in het Engelse amateurvoetbal en de club speelde nog niet zo lang geleden in de Conference. Het kampioenschap van vorig jaar was dan ook geen verrassing voor de club die op het lage niveau nog steeds redelijk wat mensen trekt. Ook Bromley zal, na zijn vorig jaar behaalde promotie via de play-offs, geen degradatiekandidaat zijn. De club ligt in een van de rijkere boroughs van Londen en heeft een rijke voorzitter. Die voorzitter heeft in de zomer wat goede versterkingen gehaald en van Bromley wordt verwacht dat ze zich redelijk makkelijk in de middenmoot gaan handhaven.
De wedstrijd zelf was ook niet verkeerd, met twee clubs die ervoor gingen. Het enige wat er aan ontbrak waren de doelpunten en het is altijd naar om je eerste Engelse wedstrijd van het seizoen in 0-0 te zien eindigen (want dat was vorig jaar bij mij ook al het geval). Hoewel we allebei een kleine voorkeur voor Bath City hadden (vreemd van Man United-fan Poldie, want die speelden in het lichtblauw en dragen de naam City) stonden we als ware gloryhunters te juichen toen het in de 81e minuut 1-0 voor Bromley werd. Helemaal verdiend was het niet, want ik vond Bath City iets beter spelen. Bath zette dan ook meteen een waar slotoffensief in en was een paar keer dichtbij de 1-1. Het leek vergeefse moeite tot een Bath City-speler (met de naam “Holland”) de 1-1 erin snoeide. Als nog grotere gloryhunters stonden we opnieuw te juichen, meewarig aangekeken door omstanders die ons ook als bij de 1-0 hadden zien juichen. Bij 1-1 bleef het en tevreden verlieten we het stadion. Omdat het taxibedrijf pas een uur later een taxi beschikbaar had gingen we nog even in de pub de Non-League tables (die afgedrukt stonden in het programmaboekje) doornemen. Daar gingen we wachten op Ad-Café en SJ, die een knappe 1-1 tegen Scunthorpe hadden gezien. SJ had een donderwolk boven zijn hoofd en probeerde nog uit te leggen dat thuis 1-1 spelen tegen Scunthorpe helemaal niet zo slecht was. We namen afscheid van de rest en met z’n drieën vertrokken we naar Hayfield, zo’n 3 uur verderop, waar ons huisje lag. Daar aangekomen bleken er meerdere nummers 2 in de straat te liggen. De eerste poging was niet meteen de goede en de bewoner van nummer 3 zit nu nog angstig onder zijn bed gedoken, want die hoorde vreemde mannen in een vreemde taal de deur proberen te forceren. Gelukkig bleek de tweede nummer 2 wel de goede. Na de verdeling van de kamers, SJ en Vonckie kozen razendsnel de dubieuze kamer met de gezamenlijke homo-erotische douche, gingen we slapen. De volgende dag stond er namelijk een trip naar Scarborough op het programma en om al dat platte vermaak aan te kunnen, moet je goed uitgerust zijn.
Geschreven door: Sir Stanley Matthews
|