Doing the 116

Doing the 116

 

 

Een bedevaart langs 116 grounds in Engeland

Site Navigation    


 Home

 Premier League

 The Championship

 League One

 League Two

 The Conference

 Lower League

 SPL

 Scotland

 Eire & Cymru

 Special Matches

 Other Grounds

 Groundlist

 Links

 
 
 

Mirren

Het verslag

      

Nakamura Revisited

 

Na het avontuur is Greenock en een goede nachtrust waren we helemaal klaar voor St. Mirren v Celtic. Ditmaal werd er niet gekozen voor een Scottish Breakfast, maar besloten we om meteen richting Paisley te rijden. Paisley, de stad waar St. Mirren speelt. Een van de plekken waar ik nooit had verwacht te komen, ondanks dat St. Mirren toch een beetje een mythische club is geweest voor mij. Lang geleden, het zal eind jaren 80,  begin jaren 90 geweest zijn, maakte ik altijd kopieën van de Nederlandse, Engelse en Schotse competitieprogramma’s die voorafgaand aan het seizoen in de Voetbal International verschenen. Op straat werden deze competities dan nagespeeld. De makkelijkste competitie was de Schotse. Die bestond destijds slechts uit tien ploegen en dat was overzichtelijk om bij te houden. Vaak waren wij dan één club en bij de garageklep werden deze wedstrijden dan gespeeld. De wedstrijden van de gekozen club werden ook echt gespeeld, terwijl de andere gewoon werden opgeschreven. In Schotland was die club vaak Celtic, omdat ik daar een zwak voor had. Om toch een keer voor verandering te zorgen gingen we een andere club kiezen en dat werd St. Mirren. Waarom weet ik echt niet meer, waarschijnlijk omdat het leuk klonk en ze in de competitie een beetje schlemielig waren. Na een seizoen op straat met St. Mirren (uiteraard werden we kampioen) ben ik die club altijd een beetje blijven volgen. Dat was best lastig, want ze degradeerden ook ergens begin jaren 90 en het was lastig om de lagere Schotse competities te volgen in het internetloze tijdperk. St. Mirren verdween dus wat uit mijn beeld.

 

Gelukkig was daar midden jaren 90 ineens Ceefax en zodoende kon ik weer kijken wat de Saints allemaal aan het uitvreten waren in de First Division. Het werd nog beter toen ik voor sinterklaas het “European Football Yearbook” kreeg, met daarin allerlei adressen van alle voetbalbonden en clubs. Ik besloot er een paar aan te schrijven, waaronder St. Mirren. Ik kreeg zelfs nog antwoord op mijn briefje en een programmaboekje. Erg sympathiek en ik vond het dan ook leuk dat ze in 2000 kampioen werden. Eindelijk waren de Saints weer terug op het hoogste niveau. Helaas was dit maar voor één jaar en duurde het tot 2006 voordat de club weer promoveerde. Vorig jaar bleef de club er maar ternauwernood in, maar daarmee hield het ook wel op met het goede nieuws. Er was namelijk ook erg slecht nieuws: St. Mirren was namelijk van plan om zijn karakteristieke onderkomen Love Street te vervangen door een zielloos nieuw stadion. Supermarktconcern Tesco had het terrein al opgekocht en het zoveelste mooie stadion van Groot-Brittannië staat op het punt om weggevaagd te worden door een Tesco. Gealarmeerd door dit slechte nieuws werden er meteen plannen gemaakt om een trip te maken naar Love Street om zodoende dit stadion nog te zien voordat het slechts zal voortleven in de herinnering van de mensen. Persoonlijk leek het me wel leuk om St. Mirren te bezoeken tegen mijn helden in het groen en wit, en van de twee mogelijkheden was de wedstrijd op 24 februari het fijnst om te bezoeken, aangezien die van 2 september wel erg snel na de vakantie kwam. Het werden dus twee vliegen in een klap: ik zou Celtic weer eens live kunnen zien spelen en dat ook nog eens in een leuk stadion.

 

En nu stonden we dan in Paisley, een enorme pauperplaats. Overal liepen chavs rond en de nachtwinkels waren niet op twee handen te tellen. Ook hadden de inwoners van Paisley een vreemde voorkeur voor grauwe flats. Al met al niet echt een stad waar ik graag zou willen wonen. Greenock was dan ook wel wat verpauperd, maar die stille getuigen van een groot industrieel verleden hadden wel iets. Paisley daarentegen was echt helemaal niets. Het nare was dat we geen navigatiesysteem meer hadden. Ik had wel een routebeschrijving naar Love Street bij in mijn boekje, maar wat richtingsgevoel betreft hadden de pech alledrie net vrouwen te zijn. De weg waren we dus snel kwijt en nergens waren floodlights te zien. Het grote voordeel was dat we zo’n tweeënhalf uur voor de wedstrijd zaten en we dus nog volop tijd hadden om het stadion te zoeken. Ik vroeg het aan een man, maar die gaf zo’n gedetailleerd uitleg dat ik het helemaal kwijt was. We besloten dus om eerst maar eens wat te gaan eten en daarna de weg te gaan zoeken. Chocovla reed wat rond en ineens dachten e de lichtmasten te zien. De wagen werd erheen gestuurd, maar het bleken lampen te zijn die een industrieterrein verlichten in de nacht. Nadat de auto werd omgedraaid en we wat doelloos door Paisley reden, zagen we ineens een pub met de naam “The Buddies”, de bijnaam van St. Mirren. Toen we ook nog eens een pub met Celticfans zagen wisten we dat Love street dichtbij moest zijn en inderdaad, het was zo gevonden.

 

De auto werd vlakbij het stadion gezet en we maakten even een rondje rondom het stadion. De turnstiles waren nog niet open, dus we hadden alle tijd. Van buiten viel het wat tegen, hoewel je het feit dat je zo nu en dan vanuit de voortuin van mensen het stadion in kon kijken wel aardig was. De enige tribune die echt leuk was om te zien, vanaf buiten, was de Main Stand. Deze zag er oud uit en was in de kleuren van de club geverfd. Er stonden veel, zichzelf belangrijk vindende, stropdassen bij de deur. Even een kijkje binnenin de hoofdtribune zat er dus niet in. Toen we terugliepen zagen we ineens de Teamcoach van Celtic staan. Jammer genoeg hadden we net gemist hoe de spelers aankwamen bij het stadion. Ik had graag wat spelers op de foto gezet, maar helaas zat dat er dus niet in. De volgende keer beter. Ondertussen liepen we naar de turnstiles, die iets meer dan één uur voor de wedstrijd nog niet open waren. Om ons heen stond zowat de hele politiemacht van Paisley. We werden dus aangemerkt als gevaarlijk (of ze stonden ook gewoon te wachten op het moment dat het wat drukker werd). Eigenlijk had ik nu wat foto’s moeten maken en op een of andere trieste hooligansite moeten plaatsen, waarbij Chocovla, Satyr en 1904 een zwart balkje voor de ogen zouden krijgen om het geheel nog wat “stoerder” te laten lijken.

 

Gelukkig gingen eindelijk de turnstiles open en konden we naar binnen gaan. Samen met ons ging ook iemand anders met een fotocamera naar binnen. Het was blijkbaar, net als ons, iemand die graag foto’s name van grounds. Zeer waarschijnlijk een mede-groundhopper gezien het begrijpende knikje dat hij naar mij maakte, toen hij klaar was met zijn foto’s van de Main Stand. Die Main Stand was trouwens wel het hoogtepunt van het stadion. Het was opvallend genoeg ook de enige tribune die nog erg authentiek aandeed. De rest zag er allemaal erg nieuw uit. Vooral de tribune waar de Celticfans zaten leek net nieuw. Dat is waarschijnlijk ook de tribune waarover de geruchten gingen dat die op de plaats van de Wee Dublin End zou worden gezet. Onze tribune zag er ook nog redelijk uit en de faciliteiten waren er ook niet verkeerd. De Family Stand vond ik persoonlijk er het minste uitzien. Je zag duidelijk dat dit een oude terracing was geweest waar nu een moderne tribune overheen gebouwd was. Achteraf gezien hadden we daar het beste kunnen zitten, zodat we de North Stand goed hadden kunnen bekijken. Maar ja, dat is achteraf gepraat. Het belangrijkste was om de Main Stand te zien, die er al in zijn eentje voor zorgde dat het stadion de moeite waar was.

 

Terwijl de warming-up bezig was besloot ik maar weer eens een “Scots Pie” te nemen. Opnieuw smaakte hij goed, maar de kwaliteit van die in Greenock benaderde hij niet. 1904 werkte een dubieuze hotdog weg en Chocovla dronk koffie die naar motorolie smaakte. De inwendige mens was dus goed verwend. Het was nu een beetje op het gemakje wachten tot de wedstrijd begon. Beide teams deden een vrij fanatieke warming-up en dat beloofde veel goeds. Ondertussen probeerde Satyr ervoor te zorgen dat we op andere plekken konden zitten. We zaten namelijk helemaal in het uiterste hoekje van de North Stand en verder konden we op deze tribune niet van de Celtic-fans afzitten. De stewards zonden Satyr echter met een kluitje het riet in, en zeiden dat het uitverkocht was vandaag en alle plaatsen bezet zouden zijn. Mij leek dat vrij sterk, want St. Mirren is eigenlijk nooit uitverkocht. Het bleek ook dat Satyr gedist was, want toen de teams het veld op kwamen waren er nog volop lege plekken. Tot mij frustratie zag ik ook in het Celtic-vak veel lege plekken. Blijkbaar waren die door seizoenskaarthouders aangevraagd om maar aan genoeg punten te komen voor een grote finale en/of de uitwedstrijd tegen de Rangers. Ze bestelden ze dus wel om die “loyalty points” te krijgen, maar kwamen niet opdagen. Misschien had ik toch nog even bij het uitvak moeten rondhangen om te kijken of er nog “spare tickets” waren. Volgende keer beter. Satyr en ik probeerde nog wel bij het vak naast de uitfans te gaan zitten, maar daar stond het wel vol. Toch maar weer terug naar de oude plaatsen dan maar.

 

Celtic begon de wedstrijd met aanvallende intenties, vooral via de linkervleugel met McGeady, maar de meeste aanvallen eindigden in de trechter van St. Mirren. De Saints probeerden één puntje te pakken door met vijf verdedigers te spelen en daar leken ze wonderwel in te slagen. McGeady kwam er zo nu en dan wel eens langs, maar dan stond tegenstander nummer 2 hem ook al op te wachten. Buiten tegenstanders op het veld kreeg hij het ook zwaar te verduren van het publiek. McGeady is namelijk van Iers/Schotse komaf en besloot een aantal jaar geleden voor Ierland te spelen, in plaats van voor Schotland en dat nemen veel Schotse fans hem niet in dank af. Wekelijks krijgt hij daarom beledigende scheldkanonnades over zich heen en sommige hebben een dubieus karakter, wat in Nederland allang als discriminerend zou worden beschouwd. Buiten McGeady waren er weinig spelers bij Celtic die iets extra’s brachten. Er zullen er best nog wel een aantal de Champions League wedstrijd van woensdag tegen Barcelona in de benen hebben, maar wat Samaras en Naylor lieten zien was echt dramatisch. Samaras zou een dag later ook een plekje krijgen in “The Worst SPL XI” van de week. Zeer terecht, want het leek nergens op met die lelijke oranje schoenen. Buiten McGeady was er maar eentje die echt van topklasse leek en dat was Arthur Boruc, alias “The Holy Goalie”. Echt vaak hoefde hij niet in actie te komen, maar bij een reuzekans van St. Mirren ranselde hij de bal geweldig uit het doel. Boruc is al tweeënhalf seizoen op topniveau en ik ben ook bang dat we die volgend jaar niet meer terug zien op Celtic Park. Mede door die redding bleef het 0-0 bij rust en dat was ook wel een terechte tussenstand.

 

In de rust waren we even aan het mopperen over het niveau van de wedstrijd. Vooral voor Satyr was het zuur, want die keek nu al voor de derde dag op rij naar een wedstrijd die erg matig was. Wij hadden dan nog geluk dat we de dag ervoor in Greenock een leuk potje zagen, maar Satyr had een dramatisch schouwspel gezien in Forfar. Het was voor hem te hopen dat het in de tweede helft wat beter werd. Zelf maakte het me niet veel uit, zolang Celtic maar won. De Huns speelden namelijk die zelfde middag thuis tegen, het stijf onderaanstaande, Gretna en de kans was dus erg groot dat het gat zes punten zou zijn als het 0-0 zou blijven. Strachan besloot het team te laten staan en dezelfde elf dus de kans te geven er nog iets van te maken in de tweede helft. Het vreemde was dat hij in de 53e minuut wel een wissel toepaste, centrale verdediger McManus voor centrale verdediger O’Dea. Niet echt een tactische meesterzet. Ook later kon ik nergens terugvinden dat McManus geblesseerd was geraakt. Vreemd dus. Een paar minuten later kreeg St. Mirren ineens weer een grote kans. Billy Mehmet kon, na een scrimmage, vanaf de penaltystip vrij aanleggen. Gelukkig was The Holy Goalie daar opnieuw om met een voetreflex de bal tegen te houden. Strachan zag dat het niet goed ging en bracht 25 minuten voor tijd Nakamura erin. Eigenlijk onbegrijpelijk dat deze creatieve speler op de bank zit, maar mentaal zit er iets niet goed bij hem. Tegen de zogenaamde kleine teams presteert Naka vaak ondermaats, maar zijn dode spelmomenten zijn zo gevaarlijk dat Strachan het er toch op wilde wagen.

 

Na het inbrengen van de Japanner kreeg Celtic wel wat kansen, maar zowel  McDonald (na een uitstekende voorzet van McGeady), Naylor als Killen (die erin was gebracht voor de waardeloze Samaras) kregen de bal niet op doel. Langzaam zag het erna uit dat het 0-0 zou gaan worden. Er was wel iets meer druk van Celtic gekomen in de laatste fase, maar het leek er gewoon niet in te zitten voor de Bhoys vandaag. Totdat Nakamura langs twee verdedigers slalomde. Bij de derde besloot de Japanner naar de grond te gaan. Vanaf onze plek leek het een duidelijk schwalbe, hoewel de kranten het er de volgende dag niet over eens waren. De vrij trap lag op een meter of 20 van het doel en met een specialist als Nakamura in je team was het een soort veredelde strafschop. Mijn gedachten gingen meteen terug naar de twee wedstrijden tegen Man United in de Champions League een jaar geleden. Op Old Trafford had Naka er eentje schitterend ingekruld. Nog belangrijker was die op Celtic Park. Celtic moest die wedstrijd winnen en bij een 0-0 stand draaide Nakamura de vrije trap er prachtig in. Het was het enige doelpunt van de wedstrijd en zorgde er, samen met de gestopte penalty door Boruc, ervoor dat Celtic voor het eerst in de geschiedenis de laatste 16 in de Champions League haalde. Nu was het natuurlijk niet zo belangrijk als toen, maar een zes punten achterstand op de Huns zie ik niet meer zo snel goedgemaakt worden. Met gebalde vuist zat ik te wachten op de vrije trap. Nakamura nam een korte aanloop en opnieuw krulde hij de bal er fantastisch in. Wat een wapen is die vrije trap van hem toch. Ik probeerde mijn blijdschap wat in te houden, maar wat was ik opgelucht. De St. Mirren-fans hielden zich daarna alleen maar bezig met Nakamura uit te schelden voor “cheat”, maar die zal daar niet echt mee hebben gezeten. Celtic kwam in het restant van de wedstrijd niet meer in de problemen en de drie punten waren binnen. De achterstand op de Rangers was weer voor even één punt, maar die zouden die middag ook winnen (met 4-2 in een schijnbaar even dramatische wedstrijd) en de achterstand bleef dus vier punten. Het begint er steeds meer op te lijken dat de onderlinge Old Firm ontmoetingen de beslissingen zullen brengen en wat zou ik daar toch graag bij zijn.

 

Na de wedstrijden reden we naar Falkirk. Vlakbij het stadion van East Stirlingshire ligt namelijk een gezellig retail park en daar hadden we een, op het oog, redelijk uitziend restaurant gezien. Het heette “Frankie’s & Bennie’s” en je kon er Italiaans eten. Alles beter dan de Britse keuken, dus deze multinational kon op ons bezoek rekenen. Het mooie was dat er op de menukaart een verhaaltje stond over Frankie en Bennie. Frankie was op zijn tiende vanuit Sicilië naar New York verhuisd en was daar begonnen met een klein restaurantje en dat was uiteindelijk uitgegroeid tot een wereldwijd bedrijf. Wij trapten uiteraard in dit verhaaltje en het werd nog beter toen het eten best goed bleek. De friet waren niet slap en het vlees smaakte uitstekend, vooral omdat we geen azijn of brown sauce eroverheen goten. Het was alleen iets teveel, maar dat is beter dan te weinig. Uitbuiken deden we bij de Tesco, waar we alvast wat spulletjes voor de volgende dag kochten. Op kamer bouwden we nog een klein feestje en vielen we pas na een aantal uur te hebben geouwehoerd in slaap. De volgende ochtend ging de wekker alweer om vier uur, want het vliegtuig vertrok al om kwart over zeven. Met de slaap nog in de ogen kwamen we aan op Prestwick. Bijna misten we nog het vliegtuig, doordat 1904 niet kon kiezen welke parfum hij wilde meenemen. Pas toen de stewardess omriep dat het de laatste mogelijkheid was om het vliegtuig in te gaan kwam het metromannetje er aan. De terugreis verliep soepel, op het huilende kind voor Satyr en mij na. Na afscheid te hebben genomen van Chocovla bij Weeze en wat foto’s te hebben gemaakt van het vliegveld, wat wel erg op een oud concentratiekamp lijkt, konden we terug naar Nederland Satyr werd in Eindhoven afgezet en ik in Tilburg, voordat 1904 doorreed naar Belgenland. Het was weer een erg geslaagd tripje geweest. Misschien wel de leukste tot nu toe en ik heb al weer veel zin om opnieuw naar Schotland te gaan. Liefst ergens in april of mei en dan met de Old Firm op het programma en een thuiswedstrijd van Hibs. Dan ben ik een tevreden man.



Het rapport

Het stadion

 

Als ik eerlijk ben vind ik het onbegrijpelijk dat St. Mirren Love Street gaat verlaten. Er is weinig mis met het stadion, en drie van de vier tribunes zien er niet eens zo oud uit. De mooiste tribune, de Main Stand, lijkt inderdaad wel zijn langste tijd te hebben gehad, maar die andere drie echt nog niet. Zelf genoot ik het meest van de oudste tribune, met zijn mooie dak. Ook de uittribune zag er niet verkeerd uit. Redelijk modern, maar toch erg indrukwekkend. De tribune links van ons, de Reid Kerr Stand, vond ik veruit de minste. Onze tribune heb ik niet goed kunnen zien, omdat we er zelf opzaten, maar die leek me ook wel aardig. Vooral het zwart-witte dak maakt hem speciaal. toch moet ik eerlijk bekennen dat ik iets meer van Love Street had verwacht, maar het kan natuurlijk ook komen dat na Cappielow Park alles tegenvalt.

 

De sfeer

 

Matig. De Celticfans leken al hun kruit al tegen Barcelona te hebben verschoten en lieten slechts soms van zich horen. Ook de St. Mirrenfans waren opvallend rustig, op het continue uitjouwen van McGeady na. De vlam sloeg pas in de pan na de 0-1 van Nakamura. De volgende dag waren er in de krant trouwens wel meldingen van spreekkoren van Celticfans aan het adres van Flutespeler Paul Gascoigne. Zelf heb ik die niet gehoord, maar we zaten ook helemaal aan de andere kant van het stadion.

 

De wedstrijd

 

St. Mirren had gekozen om met vijf verdedigers en een ingezakt middenveld te gaan spelen. Hierdoor was Celtic heel veel in balbezit, maar buiten een spaarzame actie van McGeady na werden er weinig kansen gecreeërd. De grootste kansen kwamen zelfs uit counters van de Saints, maar tweemaal verrichtte Boruc een formidabele redding. De meest dramatische speler die op het veld komt was Samaras. Wat is die slecht geworden na zijn tijd bij Heerenveen. 

 

De omgeving

 

Rondom Love Street is het allemaal erg pauperig. Veel vervallen huizen en dubieuze eettentjes. Ik vond Paisley sowieso een erg vervallen indruk wekken. Qua locatie voor een voetbalstadion is dit natuurlijk 100x beter dan een industrieterrein, maar gezien de parkeerproblemen is de verhuizing wel te begrijpen. 

 

Overall

 

Ikzelf was natuurlijk erg blij dat de Bhoys wonnen. Helemaal terecht was het niet, maar dat kan me eigenlijk weinig schelen. Voor de neutrale toeschouwer was dit wel een nare wedstrijd. Veel slecht voetbal en weinig uitgespeelde kansen. Love Street zelf is een aardig stadion en ik ben blij dat ik het nog heb bezocht voordat het plat wordt gegooid. In vergelijking met Cappielow Park is het een stuk minder spectaculair, maar dat is volgens mij ieder stadion.



De statistieken

St. Mirren v Celtic 0-1 (24/02/2008)

87. Shunsuke Nakamura 0-1

Ground: Love Street, Paisley

Visits: 1

Season: 2007-2008

Competition: Scottish Premier League

Position St. Mirren: 10

Position Celtic: 2

Gate: 7213

Match Number in Scotland: 4

Goals: 10

Line up St. Mirren:

Howard, Van Zanten, Haining, Potter, Maxwell, Murray, Dorman, Mason (90. Corcoran), Barron, Mehmet, Dargo (80. Kean)

Line up Celtic:

Boruc, Hinkel, Caldwell, McManus (53. O'Dea), Naylor, Robosn (64. Nakamura), Brown, Donati, McGeady, Samaras (77. Killen), McDonald

Yellow Cards:

Barron, Murray (St. Mirren), McGeady, Donati (Celtic)



De foto's

Bij de ingang word je al welkom geheten door de Saints

Love Street ligt midden tussen de huizen in, wat enkele mooie plaatjes opleverde

De kassa's waar ze lelijke kaartjes verkochten. Dat was wel jammer

Het bord wat ons richting de turnstiles leidde

De turnstiles zelf, die lang dichtbleven

De achterkant van de North Stand, waar wij zaten

De trappetjes die naar de North Stand leidde. Hier zaten deze middag Celts

De achterkant van de Main Stand, mooi geschilderd in de clubkleuren

De ingang voor de bobo's van St. Mirren. Erg posh, dit

De pers heeft een wat minder luxe ingang

De teamcoach van de Bhoys. Helaas geen spelers gezien

Ons turnstileblok van binnen gezien

De Reid Kerr Stand, die voornamelijk bedoeld was voor families

Onze tribune, de North Stand, en in de verte de Away End

Het pareltje van Love Street: de Main Stand

De Away End waar het grootste gedeelte van de Celts zaten

Gekkenhuis in Paisley

Nog meer spandoeken, waaronder van de Tifogroep "Supras"

De dugouts aan de overkant

Aardige floodlights daar

Een Ierse supportersgroep had zijn vlag meegenomen

De harde kern van de Buddies. Waarschijnlijk waren dit de Supras

McGeady kreeg dubbele dekking deze dag, maar kwam er toch soms langs

Neil van de Young Ones was er ook

Evenals zijn broer


 

 

© 2005 All Rights Reserved.