Doing the 116

Doing the 116

 

 

Een bedevaart langs 116 grounds in Engeland

Site Navigation    


 Home

 Premier League

 The Championship

 League One

 League Two

 The Conference

 Lower League

 SPL

 Scotland

 Eire & Cymru

 Special Matches

 Other Grounds

 Groundlist

 Links

 
 
 

Shots

The rise of the Phoenix

 

The Rise of the Phoenix

 

We schrijven 1992. Het is een waterkoud op die 20e maart in Cardiff. Op Ninian Park staan Cardiff City en Aldershot tegenover elkaar in de toenmalige Fourth Division. Het veld is modderig door de hevige regenval van de laatste weken en het spel is niet om aan te gluren. Cardiff staat op dat moment in de middenmoot, terwijl Aldershot stijf onderaan staat. Wat op dat moment niemand wist, is dat op het moment dat de wedstrijd afgefloten door de scheidsrechter het meteen het laatste fluitsignaal is dat de Aldershot Football Club ooit nog zal horen. Vijf dagen na deze wedstrijd wordt namelijk de stekker uit de club getrokken, waardoor het de eerste club in de League is na Accrington Stanley (in 1962) die tijdens de lopende competitie failliet gaat. Vanaf 1932 had de club onafgebroken in de League gespeeld, maar de schulden waren zo hoog opgelopen dat dit noodlot onontkoombaar was. De volgende dag verschenen er rouwadvertentie in de dagbladen van verdrietige fans. Hun club was niet meer.

April 2008, de vijftiende om precies te zijn. Aldershot Town speelt met 1-1 gelijk in Exeter, waardoor de titel in de Conference binnen is. Door dit resultaat mogen de Shots volgend jaar voor het eerst in hun geschiedenis uitkomen in de League. Dit is natuurlijk alleen zo als je het als een ware purist bekijkt. De fans spreken namelijk over "The rise of the Phoenix" die zestien jaar na het verdwijnen terugkeert in de League. De naam is misschien iets anders, maar voor de rest is Aldershot Town gewoon Aldershot FC.  Het stadion is nog steeds de Recreation Ground, de clubkleuren zijn hetzelfde en, misschien wel het belangrijkste, op de tribune staan nog steeds veel mensen die er in 1992 ook al stonden. De huidige voorzitter was zelf een van de mensen die op die koude 20 maart erbij was in Cardiff. Voor die mensen is de terugkeer misschien wel het allermooiste.

 

Persoonlijk vind ik het ook altijd mooi als een “naam” uit het verleden terugkeert. Weg met al die nieuwerwetse clubs. In plaats van clubs als Cheltenham, Morecambe, Dagenham & Redbridge en Macclesfield horen natuurlijk Barrow, Southport, Bradford Park Avenue en Workington in de League te spelen. Daarom vond ik het geweldig dat Aldershot dit jaar kampioen werd en dat ze en passant ook nog eens Exeter City (een andere verloren zoon) meenamen naar League Two. Buiten een mooi verleden heeft Aldershot ook een geweldig stadion. De Recreation Ground ligt mooi in een parkje en is nog een echt ouderwets stadion. Zelf vind ik het ronde dak het mooiste aan het stadion. Dat zie je namelijk niet vaak. Ik hoop dat Aldershot op 9 augustus begint met een thuiswedstrijd, want dan is de kans heel groot dat ik erbij ben. Aldershot terug in de League mag ik natuurlijk niet missen. Een historische gebeurtenis voor een club die al een mooi verleden heeft is nooit verkeerd om bij te wonen.

 

Die historie brengt ons terug naar het leger. Aldershot is namelijk veel bekender door het leger dan door zijn voetbalclub. In 1854, ten tijde van de Krimoorlog, besloot de regering namelijk om van Aldershot het centrum van het Britse leger te maken. Er werden barakken gebouwd en in de buurt kwam een heel oefenterrein voor de militairen. Het leverde Aldershot de naam “The Home of the British Army” op, een bijnaam die ze vandaag de dag nog steeds hebben. In Aldershot waren namelijk op een bepaald moment 70 procent van de inwoners militairen. De link tussen het leger en voetbal is ook erg groot, want het was een militair regiment wat de eerste spelers voor de club leverde. De clubkleuren zijn niet voor niets rood-blauw, de kleuren van het Britse leger. Samen met Colchester United is Aldershot de enige club in de League die zijn roots bij het leger heeft liggen.

 

Aldershot begon na zijn beginjaren gestaag op te klimmen. In 1932 deed de club mee aan een verkiezing voor een plekje in de League en het was meteen raak. Aldershot werd in de League gekozen en telde vanaf dat moment echt mee. Na de promotie waren de Shots een van de meest regelmatige clubs die Engeland ooit heeft gezien: ze slaagden er namelijk in om 40 jaar lang bijna continue in het rechterrijtje te spelen. Nog opvallender is dat de club ook zelden op de herverkiezingsplekken terecht kwam. Ik denk niet dat er veel clubs zijn die een constantere serie hebben neergezet. Maar series zijn er om verbroken te worden en dat deden de Shots in 1973. Na een zeventiende plek in 1972 waren er weinig verwachtingen voor het jaar erop, maar Aldershot besloot ineens wat spektakel te verzorgen. De fans wisten niet wat ze zagen, eindelijk een seizoen wat niet al in februari was afgelopen. Ook in maart deed Aldershot nog vrolijk mee om plek vier (de laatste plek die recht gaf op promotie) en in april werden de mensen die hun vakantie begin mei hadden geboekt toch wat zenuwachtig. Het leek er namelijk op dat Aldershot echt mee zou blijven doen om die laatste promotieplek. Het wonder gebeurde inderdaad, met een gelijk aantal punten als nummer vijf Newport County, maar met een positiever doelsaldo, werden de Shots vierde. Aldershot mocht voor het eerst in zijn bestaan een stapje omhoog.

 

Het feest wat na de promotie losbarstte was ongekend. Al voor middernacht waren de bierkranen leeg en ook het leger deed een duit in het zakje van de festiviteiten; ter ere van de promotie werd er enkele krijgsgevangen opgehangen. In 1974 werd Aldershot achtste op het derde niveau en de bestuurders begonnen langzaam te dagdromen. Een paar versterkingen en promotie naar level twee moest toch ook wel mogelijk zijn en als je daar toch was, waarom dan niet ineens door naar het hoogste niveau? Uiteraard waren dit maar dromen en het bestuur werd met een harde klap wakker geschud. Op de laatste speeldag in 1975 streden er vier ploegen om de laatste drie degradatieplekken (Huddersfield was al gezien). Bij die vier zat ook Aldershot. Hoe het uiteindelijk gelukt is weet niemand tot op de dag van vandaag, maar Aldershot ontsnapte. Plaats twintig was bereikt, met slechts één puntje voorsprong op plek 23. De voorzitter beschouwde dit slechts als een incidentje en gokte toch weer op promotie het jaar erop en investeerde flink in de ploeg. Dat bleek weggegooid geld te zijn, want in 1976 vloog de club er toch uit, samen met de militaire vrienden uit Colchester. Aldershot was eigenlijk weer terug op het niveau waar ze thuishoorde.

 

De degradatie zorgde voor veel vertrekkers en Aldershot kwam weer terecht in het rechterrijtje van de laagste League, nu was de cirkel echt weer helemaal rond. Toch wilde de club zich niet leerleggen bij zijn lot om voor eeuwig gedoemd te zijn te spelen in de Fourth Division. Erg werden enkele onverantwoorde investeringen gedaan en 1987 bleken die investeringen zich terug te betalen. Aldershot werd namelijk zesde en mocht als laatste club deelnemen aan de playoffs. De tegenstander in de eerste ronde was er een van formaat: meervoudige FA Cup winnaar Bolton Wanderers die 21e waren geëindigd in de Third Division en daardoor mee moesten doen aan de playoffs om zich veilig te spelen. Op de Recreation Ground won Aldershot met 1-0, maar bij Bolton waren ze ervan overtuigd dat ze het wel recht zouden zetten op Burnden Park. “Kom op, Aldershot bestaat uit een paar omhooggevallen militairen, terwijl wij Nat ‘The Lion of Vienna’ Lofthouse in ons midden hebben gehad.” Dat was een onterechte misvatting van de Wanderers, want na 90 minuten stond het 2-2. Een tranendal volgde op Burnden Park, wat sinds het Burnden Disater niet meer was gezien. Bolton moest voor het eerst uitkomen op het vierde niveau en dat was zwaar voor de fans, loodzwaar.

 

Vanuit de andere halve finale kwamen andere Wanderers doorgestoomd, maar deze kwamen uit Wolverhampton en hadden een ronde eerder al militairtjes verslagen in de vorm van Colchester. De derde confrontatie tussen Wanderers en Militairen moest dus definitief uitmaken wie de sterkste was van de twee. De flink afgezakte Wolves waren in de competitie slechts één punt tekort gekomen voor directe degradatie en die wilden daarom wraak. De eerste wedstrijd was weer op de Recreation Ground en de Wolves vielen aan als gekken. Aldershot speelde het spelletje slim en liet ze uitrazen. Daarna werd er tweemaal dodelijk uitgehaald en met een 2-0 voorsprong werd er afgereisd naar Wolverhampton. Daar gebeurde precies hetzelfde en opnieuw won Aldershot, ditmaal met 0-1. Voor de tweede maal in de historie waren de Shots gepromoveerd en de krijgsgevangen knepen hem natuurlijk. Erg was ook wel een feestje in Aldershot, maar veel mensen vroegen zich af waarvan het bestuur toch al die dure spelers betaalde en of dat wel allemaal zuiver was.

 

Het tweede avontuur in de Third Division duurde slechts twee jaar. Het eerste jaar haalde Aldershot het nipt, door één puntje meer te halen dan Rotherham, maar het jaar erop werd Aldershot strak laatste. De schulden waren ondertussen zo hoog geworden dat veel spelers vertrokken en alle bestuurders wezen naar elkaar als hoofdschuldige. Het was zelfs nog even de vraag of Aldershot wel uit mocht komen in de Fourth Division, aangezien er geen stuiver meer was. In 1990 redde Aldershot zich maar net op het laagste niveau. Colchester (daar heb je ze weer) was de ongelukkige en vloog eruit. Toch zag het er voor die club roskleuriger uit dan voor de Shots, want de veel laffe bestuursleden hadden het hazenpad gekozen en de club was meer dood dan levend. Opnieuw werd er de vraag gesteld of de club wel zou kunnen aantreden op het laagste niveau, want er was amper geld voor warm water voor de douches en voor het aanzetten van de lichtmasten. Toch werd er geprobeerd om het nog een seizoen uit te zingen, want in 1991 zou er door verschuivingen in de League geen enkel team degraderen. Aldershot kon dus veilig laatste worden. 

 

Soms zie je het helemaal niet meer zitten en heb je geen zin meer om verder te gaan. Je ziet geen enkel lichtpuntje meer en slaat alle positieve adviezen, maar dan is hij daar ineens “El Salvador” oftewel de Messias. Bij Aldershot kwam die ook ineens binnenwaaien. Hij was destijds negentien jaar en droeg de naam Spencer Trethewy. Niemand had nog ooit van dit mannetje gehoord, maar naar eigen zeggen was hij een schatrijke projectontwikkelaar. Hij wilde wel investeren in de club. En als je hulp nodig hebt ben je vaak wat minder kritisch op degene die je die hulp wil geven. Trethewy kreeg daarom meteen een zetel in het bestuur en kreeg de macht over de financiële kant van de club. De club leek gered, maar bleek het paard van Troje binnengehaald te hebben. Trethewy was geen schatrijke projectontwikkelaar en had geen geld. De club was ondertussen al uitgaven aan het doen, met het geld van Trethewy in het achterhoofd. Na drie maanden kwamen de overige bestuursleden er pas achter dat het wonderkind geen geld had. Hij werd onmiddellijk de club uitgegooid. De Shots bleken niet het enige slachtoffer van de oplichterpraktijken van Trethewy, want hij sliep in de duurste hotel zonder te betalen. Trethewy werd later voor de praktijken veroordeeld en mocht voor twee jaar wasknijpers gaan vouwen. Tegenwoordig gaat hij door het leven als Spencer Day en wil hij van de amateurclub Chertsey Town een voetbalbolwerk gaan maken. Sommige mensen leren het ook nooit.

 

De club zat na dit avontuur met Trethewy nog dieper in de rode cijfers en wankele op het dunne koortje. Het kon eigenlijk ieder moment afgelopen zijn en de Engelse voetbalwereld was verrast dat Aldershot in 1991 toch nog meedeed bij de start van het nieuwe seizoen. Niemand stond ervan te kijken dat Aldershot zowat iedere week verloor. Slechts van Maidstone United (een club met even grote financiële zorgen die ook snel failliet zou gaan) en Scarborough werd gewonnen. Voor de rest was het een tranendal. In de FA Cup werd in de eerste ronde zelfs van de amateurs van Enfield verloren. Het was ondertussen maart geworden en in de kranten verschenen steeds zorgelijkere berichten over de financiële situatie bij de club. Men vreesde zelfs dat het seizoen niet af kon worden gemaakt. Sportief kon de maand niet slechter beginnen. Op Underhill werd met 0-5 verloren tegen Barnet, ook de drie wedstrijden daarna werden verloren en met zeven nederlagen op rij werd de trip naar Cardiff gemaakt. Daar was het opnieuw helemaal niets en met 0-2 werden de Shots naar huis gestuurd. Wat ze op dat moment nog niet wisten, was dat het de laatste wedstrijd ooit zou zijn die onder de naam “Aldershot Football Club” werd gespeeld. Vijf dagen later trok de rechter de stekker uit de club. Aldershot FC was niet meer…

 

Voor het eerst sinds Accrington Stanley in 1962 was er een club tijdens het lopende seizoen uit de competitie gehaald, iets wat tot op de dag van vandaag ook niet meer gebeurd is. De mensen in Aldershot zaten dus ineens zonder voetbalclub. Enkele fans besloten daarom meteen een nieuwe club op te richten. Qua naam werd de originaliteitprijs niet gewonnen. De nieuwe naam werd namelijk “Aldershot Town FC”. Wat wel in het voordeel van de oprichters sprak is dat ze de hele stad weer warm maakte voor de club, die in de laatste jaren van zijn bestaan door alle problemen een paria in de stad was geworden. Nu wilde iedereen er weer bijhoren. Mooi was dat de nieuwe club wel op de Recreation Ground mocht blijven spelen, toch het spirituele huis van het voetbal in Aldershot. In 1992 mocht Aldershot Town uitkomen in de Diadora Isthmian League, vijf niveau onder het laagste profniveau. De Fenix was weer langzaam weer aan het opkrabbelen, maar de weg terug zou nog erg lang zijn.

 

Het eerste seizoen begon de club wel meteen goed. Met maar liefst achttien punten voorsprong op de nummer twee werd de club kampioen. Wat opvallender was, was het feit dat de club een hoger gemiddeld toeschouwersaantal had dan het jaar ervoor, toen de club notabene nog op het profniveau speelde. Ook het jaar erop werd de club kampioen en gestaag werd de weg omhoog ingezet. In 2002/2003 won de club de titel die ervoor zorgde dat ze uit mochten komen in de Conference. Na elf jaar werken mocht Aldershot Town eindelijk uitkomen in een nationale divisie, slechts één divisie onder het uiteindelijke doel: League Two. De club trok ondertussen echt een hele hoop fans en was een van de populairste Non-League clubs. De voorzitter, een van de mannen die erbij was in Cardiff tijdens de laatste adem van Aldershot FC, zei ook dat het faillissement het beste was wat de club had kunnen overkomen. Oude schulden waren weggewerkt en de stad was weer achter de club gaan staan.

 

Natuurlijk had de FA gezocht naar een historisch verantwoorde tegenstander tijdens de eerste wedstrijd in de Conference, maar mooier dan deze kon eigenlijk niet. Op tien augustus 2003 stond namelijk het watertandende affiche Aldershot Town v Accrington Stanley op het programma. De beide clubs, de laatste twee die tijdens het lopende seizoen in de League failliet gingen, waren voor het eerst sinds hun faillissement weer terug op nationaal niveau. Dit moest wel erg bijzonder zijn en zelfs Sky Sports vaardigde een groot team af naar deze wedstrijd om hem te verslaan. Het programmaboekje van die dag bevatte een oud programmaboekje van de laatste wedstrijd die beide club tegen elkaar speelden in 1962. In totaal 3680 toeschouwers namen de moeite om af te dalen naar de Recreation Ground en vier van die fans hoopten op eeuwige roem toen ze als streaker het veld op liepen. De wedstrijd eindigde in 2-1 en voor Aldershot zou het een uitstekend seizoen worden. De club eindigde als vijfde en mocht meteen meedoen aan de playoffs. Daarin won Aldershot van Hereford en de Shots stonden op de drempel van de League. Na 120 minuten stond het 1-1 en penalty’s moesten de beslissing brengen. Daarin had Aldershot last van een scheef vizier, want het werd 3-0 van Shrewsbury. Achteraf misschien niet eens zo verkeerd, want de Shots waren, als parttimers, nog absoluut niet klaar voor de League.

 

Het jaar erop won Barnet, met een geniale Grazioli, de titel in de Conference. Aldershot deed het weer uitstekend met een vierde plek. Carlisle United was ditmaal de tegenstander in de halve finales. Thuis won Aldershot met 1-0, maar doordat Carlisle thuis ook won, met 2-1, moesten pingels bepalen wie er naar de finale ging. De Shots bleken een beetje op het Nederlands Elftal te lijken, want opnieuw werd er verloren. Carlisle ging door naar de finale, die ze zouden winnen en het seizoen erop promoveerde die club zelfs nog een keer. De volgende keer beter, dachten ze bij Aldershot. Dat was een verkeerde gedachte, want waar de andere Fenix (Accrington Stanley) kampioen werd, eindigde Aldershot op de dertiende plek. Het slechtste resultaat van de club in zijn bestaan. Vorig jaar werd de club negende en leek een beetje in het moeras der middenmotors te blijven hangen.

 

Gary Waddock werd voor het begin van het seizoen aangesteld als nieuwe manager. Waddock had een flink aantal wedstrijden op het hoogste niveau gespeeld en was ook regelmatig opgeroepen voor het nationale team van Ierland. Hij had een jaar eerder nog QPR gemanaged, maar had daar de zak gekregen. Aldershot vond hem echter dè man die het team verder kon brengen. Met enkele gerichte aankopen stoomde Aldershot vanaf het begin van het seizoen af op de titel. Torquay was de enige die nog tegenstand bood, maar na een 1-2 overwinning tegen die club lag de weg naar de titel helemaal open. Ondertussen werd er nog het Setanta Shield gewonnen, maar dat viel in het niets bij de titel die op 15 april wordt gewonnen. In en tegen Exeter wordt het 1-1. Aldershot pakt daardoor de titel en promoveert. De Fenix is herrezen uit zijn as en zal volgend jaar weer in de League te bewonderen zijn.

 

Reportage over Aldershot uit 1992

 

Geschreven door: Sir Stanley Matthews


 

 

© 2005 All Rights Reserved.